‘Oma Aafke noemt ons altijd laiverd.’

Het gezin Aldougheim
[Eenrum]

‘Ik kan het mij niet heel goed herinneren, ik was nog maar zeven jaar. We gingen in bootjes over zee en het was altijd donker. We moesten veel lopen. Af en toe moest ik een zusje dragen.’ Zo vertelt Batoul over de vlucht van het complete gezin Aldougheim uit Syrië.

In een vrachtwagen reisden ze van Griekenland naar Nederland. ‘Daar kwamen we ’s nachts aan en liepen zomaar over straat. We hebben ergens aangebeld waar licht brandde. Die mensen zagen wel dat wij vluchtelingen waren en hebben de politie voor ons gebeld. De politie heeft ons toen aangemeld bij een AZC. We kregen een kamer in Ter Apel.’ Er volgde een nare, onzekere periode met veel verhuizingen van het ene naar het andere AZC.

‘Toen we in Eenrum kwamen wonen konden we al Nederlands praten, dat hadden we in de AZC’s op school geleerd. We spreken nu beter Nederlands dan Arabisch. We kunnen zelfs een beetje Gronings. Dat hebben we van oma geleerd. Zij praat altijd Gronings.’ De kinderen hebben veel oma’s in Eenrum. Zo noemen ze alle oudere mensen die leuke dingen voor en met hun doen. Soms worden ze bijvoorbeeld door hen getrakteerd op een uitje naar het het Groninger museum. ‘En oma Aafke noemt ons altijd laiverd.’

Even moppen tappen
Van links naar rechts: Batoul, Abedallah, Kawthar, Baraa en Salma

Het is een groot gezin: er zijn maar liefst zestien zwemdiploma’s in huis en ze gaan straks met zijn allen naar de bibliotheek om vijfendertig boeken om te ruilen voor nieuwe boeken. De kinderen stallen de boeken uit op tafel: van moppenboek tot romans en Suske en Wiskes. Een paar van de meisjes deed mee aan voorleeswedstrijden. Net niet gewonnen, maar het was heel leuk om mee te doen. Moeder Hanaa: ‘Het zijn gewoon Nederlandse kinderen, ze zien er alleen anders uit.’ In oktober 2019 kregen ze allemaal de Nederlandse nationaliteit. Dat was een dag waar ze lang naar uitgekeken hebben. Het werd echt een feest, ook al was Batoul nou net die dag ziek. De buren hadden vlaggetjes en slingers opgehangen, ze kregen cadeautjes van de gemeente en Salma mocht de burgemeestersketting dragen. Eindelijk weten ze nu zeker dat ze hier kunnen blijven.

Eindelijk zekerheid!

Er is ook geen terug meer. In Syrië is alles veranderd. Familie en vrienden leven in tenten langs de grens. ‘Het huis dat mijn man zelf voor ons gebouwd had in Syrië is er niet meer. We zouden dakloos zijn. Wij passen daar ook niet meer, we zijn veranderd in de jaren hier. Als het kan wil ik mijn familie daar bezoeken. Maar hier is het leven beter.’

Mohammed komt net op tijd thuis om mee te gaan naar de bibliotheek.

De kinderen dromen allemaal van een toekomst als arts. Alleen Mohammed die nu niet thuis is wil voetballer worden. Hij is ergens een balletje aan het trappen. De andere vijf kinderen sporten ook veel: tennis, hockey, turnen, voetbal en zwemmen. Hanaa brengt en haalt de kinderen. ‘Dat is ook sport,’ lacht ze. Oma’s en buurtgenoten gaven gezamenlijk een trampoline aan deze laiverds. Daarop springen ze vrolijk hun teveel aan energie weg.

Baraa en Kawthar